"Zindelijkheid is een grote deugd, maar ze moet niet ontaarden in hygiëne."
Gerard Reve, in Klein gebrek geen bezwaar Utrecht/Antwerpen MCMLXXXVI p. 76 in Brief aan Bernard S. 4 mei 1969
zaterdag, juli 08, 2006
maandag, juli 03, 2006
'..waar de Ongeschonden Roos voor eeuwig bloeit..'

15 augustus 1970
Eens zal ik gaan tot waar de Ongeschonden Roos voor eeuwig bloeit,
en schouwen in Haar hart, tot waar de zee van bloed
zwart wordt van diepte: Mysterie, van Zichzelf gedragen,
dat uit Zichzelf geboren wordt.
Gerard Reve in Het Zingend Hart Amsterdam 1973 p.10
15 augustus 1970
Eens zal ik gaan tot waar de Ongeschonden Roos voor eeuwig bloeit,
en schouwen in Haar hart, tot waar de zee van bloed
zwart wordt van diepte: Mysterie, van Zichzelf gedragen,
dat uit Zichzelf geboren wordt.
Gerard Reve in Het Zingend Hart Amsterdam 1973 p.10
zondag, juli 02, 2006
'Bloemen vol Troost, en vol Geheime Wetenschap Gods.'

foto E.H. 2 juli 2006
"Ik zie en spreek niemand, tenzij ik anders wil, en kan mijn tijd zelf indelen. Voor het huis ligt een smalle, ommuurde tuin van nog geen 50 m2 .., schijnbaar leeg, maar vol nieuw geplante rozen, die uitlopen en over een paar maanden uitbundig zullen bloeien. (Naar rozen kan ik uren lang zitten kijken: het zijn bloemen vol Troost, en vol Geheime Wetenschap Gods). "
Gerard Reve, in Klein gebrek geen bezwaar Utrecht/Antwerpen MCMLXXXVI p, 61
Brief aan Jan H. 20 februari 1968
foto E.H. 2 juli 2006
"Ik zie en spreek niemand, tenzij ik anders wil, en kan mijn tijd zelf indelen. Voor het huis ligt een smalle, ommuurde tuin van nog geen 50 m2 .., schijnbaar leeg, maar vol nieuw geplante rozen, die uitlopen en over een paar maanden uitbundig zullen bloeien. (Naar rozen kan ik uren lang zitten kijken: het zijn bloemen vol Troost, en vol Geheime Wetenschap Gods). "
Gerard Reve, in Klein gebrek geen bezwaar Utrecht/Antwerpen MCMLXXXVI p, 61
Brief aan Jan H. 20 februari 1968
vrijdag, juni 30, 2006
Geachte trouwe lezers van deze Reve Kalender
In de komende maanden juli en augustus lukt het me niet -i.v.m. andere werkzaamheden en afwezigheid- dagelijks een citaat te plaatsten. Met enige onregelmatigheid plaats ik hier af en toe tussen de bedrijven door een citaat uit: Gerard Reve, Klein gebrek geen bezwaar, een keuze uit zijn brieven.
Schroom intussen niet, indien u mooie citaten weet, deze in mijn gastenboek te schrijven. Graag, indien mogelijk, met bronvermelding.
Daarna weer moedig voorwaarts, opdat we niet vergeten, ondanks Reve's uitspraak:

"Na mijn dood word ik op de scholen tien jaar vrijwillig gelezen
en daarna nog eens tien jaar verplicht.
Dan noemen ze een straat naar me.
En dan ben ik helemaal vergeten.
Niemand weet toch meer wie Tweede van der Helst was?"
Gerard Reve In gesprek 1983
In de komende maanden juli en augustus lukt het me niet -i.v.m. andere werkzaamheden en afwezigheid- dagelijks een citaat te plaatsten. Met enige onregelmatigheid plaats ik hier af en toe tussen de bedrijven door een citaat uit: Gerard Reve, Klein gebrek geen bezwaar, een keuze uit zijn brieven.
Schroom intussen niet, indien u mooie citaten weet, deze in mijn gastenboek te schrijven. Graag, indien mogelijk, met bronvermelding.
Daarna weer moedig voorwaarts, opdat we niet vergeten, ondanks Reve's uitspraak:
"Na mijn dood word ik op de scholen tien jaar vrijwillig gelezen
en daarna nog eens tien jaar verplicht.
Dan noemen ze een straat naar me.
En dan ben ik helemaal vergeten.
Niemand weet toch meer wie Tweede van der Helst was?"
Gerard Reve In gesprek 1983
woensdag, juni 28, 2006
Een droom (II)
'Ik zag, dat het God was..'
"Ik heb een wonderlijke droom gehad, enige tijd geleden, één van die drie, vier dromen van profetische, aangrijpende helderheid, die in een mensenleven kunnen voorkomen. Ik bevond me op een of ander feestje of partijtje. Laat in de nacht, toen het feest half opgebroken was, & de nablijvers zichzelf in de keuken uit de ijskast slordig bedienden, zag ik een Jongeman van ongeveer 25 jaar, met zijn schouder tegen de muur geleund, 'eenzaam' staan met een glas in de hand. Ik zag, dat het God was, ik weet niet waarom of waardoor. Ik kwam nader, maar dorst niet dichterbij te komen dan op omstreeks een meter afstand. Ik keek hem aan, en, in een hatelijk en verachtelijk mengsel van ontzag & spot, zei ik zoiets als: 'En, hoe maakt het de Heer der heerscharen?' Hij glimlachte en antwoordde: 'Gaat wel, gaat wel. Mijn bevrijding is begonnen.'De droom betekent natuurlijk een aantal dingen tegelijk: de bevrijding van God Zelf, de bevrijding van de mensheid door God, & de bevrijding van de homoseksueel.'"
Gerard Reve in Brieven aan kandidaat katholiek A. 1962-1969 Amsterdam 1976 p.43, 44
'Ik zag, dat het God was..'
"Ik heb een wonderlijke droom gehad, enige tijd geleden, één van die drie, vier dromen van profetische, aangrijpende helderheid, die in een mensenleven kunnen voorkomen. Ik bevond me op een of ander feestje of partijtje. Laat in de nacht, toen het feest half opgebroken was, & de nablijvers zichzelf in de keuken uit de ijskast slordig bedienden, zag ik een Jongeman van ongeveer 25 jaar, met zijn schouder tegen de muur geleund, 'eenzaam' staan met een glas in de hand. Ik zag, dat het God was, ik weet niet waarom of waardoor. Ik kwam nader, maar dorst niet dichterbij te komen dan op omstreeks een meter afstand. Ik keek hem aan, en, in een hatelijk en verachtelijk mengsel van ontzag & spot, zei ik zoiets als: 'En, hoe maakt het de Heer der heerscharen?' Hij glimlachte en antwoordde: 'Gaat wel, gaat wel. Mijn bevrijding is begonnen.'De droom betekent natuurlijk een aantal dingen tegelijk: de bevrijding van God Zelf, de bevrijding van de mensheid door God, & de bevrijding van de homoseksueel.'"
Gerard Reve in Brieven aan kandidaat katholiek A. 1962-1969 Amsterdam 1976 p.43, 44
dinsdag, juni 27, 2006
Een droom (I)
'Een Jongeman van ongelooflijke aantrekkelijkheid'

"Een paar dagen geleden had ik een vreemde droom, die misschien een Gezicht was. Ik was bij mensen op bezoek, kennelijk ergens waar feest werd gevierd. Tegen de post van de deuropening tussen de keuken, waar de dranken werden ingeschonken en de kamer waar de gasten zich met elkaar onderhielden. stond onbevangen leunend, met Zijn glas in de hand, een Jongeman van ongelooflijke aantrekkelijkheid, geen jongen meer, maar een man van tussen de 25 en 30 jaar. Ik wist dat Hij God was; ik ging op Hem af, maar dorst niet dichterbij dan op ongeveer een meter afstand te komen. In dat vreemde mengsel van mijn verachting van alle autoriteit en van mijn hunkering echte autoriteit te gehoorzamen, zei ik iets uitdagends in de trant van: 'Hoe maakt het de Onveroorzaakte Oorzaak?'of iets dergelijks. De jongeman antwoordde, met een zwaarmoedige glimlach, die elk gewond hart moest genezen: 'Ik ben erg gelukkig. Mijn bevrijding is begonnen.' Volgens mij kunnen er twee dingen -het een met uitsluiting van het ander, of beide tegelijkertijd geldig- bedoeld zijn. Het kan betekenen: de bevrijding die Ik schenk, veroorzaak en ben, is begonnen; of: de bevrijding van Mij Zelf, Mijn Eigen bevrijding dus, is begonnen. Dit laatste moet het voor mij betekenen, al wil ik daarbij de eerste betekenis alle ruimte laten: het tweede houdt natuurlijk het eerste in. (maar verder: alles geestelijk, en generlei kwetsing van andersdenkenden beoogd.)
Gerard Reve, in Brieven aan Geschoolde Arbeiders Utrecht/Antwerpen MCMXXXV p. 148, 149
'Een Jongeman van ongelooflijke aantrekkelijkheid'
"Een paar dagen geleden had ik een vreemde droom, die misschien een Gezicht was. Ik was bij mensen op bezoek, kennelijk ergens waar feest werd gevierd. Tegen de post van de deuropening tussen de keuken, waar de dranken werden ingeschonken en de kamer waar de gasten zich met elkaar onderhielden. stond onbevangen leunend, met Zijn glas in de hand, een Jongeman van ongelooflijke aantrekkelijkheid, geen jongen meer, maar een man van tussen de 25 en 30 jaar. Ik wist dat Hij God was; ik ging op Hem af, maar dorst niet dichterbij dan op ongeveer een meter afstand te komen. In dat vreemde mengsel van mijn verachting van alle autoriteit en van mijn hunkering echte autoriteit te gehoorzamen, zei ik iets uitdagends in de trant van: 'Hoe maakt het de Onveroorzaakte Oorzaak?'of iets dergelijks. De jongeman antwoordde, met een zwaarmoedige glimlach, die elk gewond hart moest genezen: 'Ik ben erg gelukkig. Mijn bevrijding is begonnen.' Volgens mij kunnen er twee dingen -het een met uitsluiting van het ander, of beide tegelijkertijd geldig- bedoeld zijn. Het kan betekenen: de bevrijding die Ik schenk, veroorzaak en ben, is begonnen; of: de bevrijding van Mij Zelf, Mijn Eigen bevrijding dus, is begonnen. Dit laatste moet het voor mij betekenen, al wil ik daarbij de eerste betekenis alle ruimte laten: het tweede houdt natuurlijk het eerste in. (maar verder: alles geestelijk, en generlei kwetsing van andersdenkenden beoogd.)
Gerard Reve, in Brieven aan Geschoolde Arbeiders Utrecht/Antwerpen MCMXXXV p. 148, 149
maandag, juni 26, 2006
zondag, juni 25, 2006
'Een onstilbaar verlangen'

'Ik heb een onstilbaar verlangen naar vervoering, roes, naar iets dat mij zou kunnen betoveren en meevoeren: iets, waarvan ik zou kunnen erkennen, dat het groter was dan ik zelf. (En toch is het Koninkrijk binnen in U en 'reeds temidden van Ulieden').
Gerard Reve in: Brieven aan Wim B. 1968-1975 Utrecht MCMLXXXIII p.34
'Ik heb een onstilbaar verlangen naar vervoering, roes, naar iets dat mij zou kunnen betoveren en meevoeren: iets, waarvan ik zou kunnen erkennen, dat het groter was dan ik zelf. (En toch is het Koninkrijk binnen in U en 'reeds temidden van Ulieden').
Gerard Reve in: Brieven aan Wim B. 1968-1975 Utrecht MCMLXXXIII p.34
zaterdag, juni 24, 2006
Kunstbroeders (4)
'Als een gedicht goed is, dan is het toch geweldig,
dat het door een miljoen mensen wordt gelezen?'
"Ik ben telefonisch niet te bereiken, maar ik krijg wel veel aangrijpende post. Ook veel van vrouwen; zeventig procent van mijn lezers zijn huisvrouwen met twee, drie kinderen..
Ik herinner me dat een jaar of wat geleden een damesblad vroeg om een hoofdstuk of een fragment. Ik voel me door dat soort dingen gevleid en dan zoek ik met de grootste zorg een representatief hoofdstuk uit, dat bovendien buiten het verband van het boek begrepen kan worden. Ik stel er een eer in dat die mensen een schrijver aanzoeken om een tekst te leveren voor een blad dat door een miljoen mensen gelezen wordt. Maar een hoop schrijvers zeggen dan: ik een verhaal in Panorama. Een gedicht in de Libelle? Maar waarom in godsnaam niet? Als een gedicht goed is, dan is het toch geweldig, dat het door een miljoen mensen wordt gelezen?
Gerard Reve & S.Carmiggelt in Gesprek , opgetekend door Max van Rooy en de redactie van het tijdschrift Menuett Amsterdam 1980 p.41, 43
'Als een gedicht goed is, dan is het toch geweldig,
dat het door een miljoen mensen wordt gelezen?'
"Ik ben telefonisch niet te bereiken, maar ik krijg wel veel aangrijpende post. Ook veel van vrouwen; zeventig procent van mijn lezers zijn huisvrouwen met twee, drie kinderen..
Ik herinner me dat een jaar of wat geleden een damesblad vroeg om een hoofdstuk of een fragment. Ik voel me door dat soort dingen gevleid en dan zoek ik met de grootste zorg een representatief hoofdstuk uit, dat bovendien buiten het verband van het boek begrepen kan worden. Ik stel er een eer in dat die mensen een schrijver aanzoeken om een tekst te leveren voor een blad dat door een miljoen mensen gelezen wordt. Maar een hoop schrijvers zeggen dan: ik een verhaal in Panorama. Een gedicht in de Libelle? Maar waarom in godsnaam niet? Als een gedicht goed is, dan is het toch geweldig, dat het door een miljoen mensen wordt gelezen?
Gerard Reve & S.Carmiggelt in Gesprek , opgetekend door Max van Rooy en de redactie van het tijdschrift Menuett Amsterdam 1980 p.41, 43
vrijdag, juni 23, 2006
Kunstbroeders (3)

Hollands Diep 8 november 1975
"Kijk, je schrijft een boek en een aantal mensen kopen dat boek niet voor hun verdriet. Ze willen leesgenot verwerven en betalen daarvoor veertien-negentig. Dat is altijd nog twaalf à vijftien liter superbenzine, tenminste...Niet als Den Uyl zijn zin krijgt, dan is het twee liter. Maar die mensen willen niet gesticht worden; die willen gewoon genot hebben en ik stel er een eer in dat te bieden en meteen mijn hele ideeënwereld, mijn hele problematiek, mijn hele troep, want die moet ik toch ook kwijt. Anders word ik gek.
Gerard Reve & S.Carmiggelt in Gesprek , opgetekend door Max van Rooy en de redactie van het tijdschrift Menuett Amsterdam 1980 p.40
Hollands Diep 8 november 1975
"Kijk, je schrijft een boek en een aantal mensen kopen dat boek niet voor hun verdriet. Ze willen leesgenot verwerven en betalen daarvoor veertien-negentig. Dat is altijd nog twaalf à vijftien liter superbenzine, tenminste...Niet als Den Uyl zijn zin krijgt, dan is het twee liter. Maar die mensen willen niet gesticht worden; die willen gewoon genot hebben en ik stel er een eer in dat te bieden en meteen mijn hele ideeënwereld, mijn hele problematiek, mijn hele troep, want die moet ik toch ook kwijt. Anders word ik gek.
Gerard Reve & S.Carmiggelt in Gesprek , opgetekend door Max van Rooy en de redactie van het tijdschrift Menuett Amsterdam 1980 p.40
donderdag, juni 22, 2006
Kunstbroeders (2)

Omslagfoto In Gesprek van Philip Mechanicus
"Ik maak mijn werk toegankelijk voor iedereen die toegang wil hebben. Er zijn mensen die bewust de toegang voor de gewone man onmogelijk maken; die dat beneden hun waardigheid vinden. Maar ik vind het een geweldige winst als mijn boek in de trein gelezen wordt door een aantal mensen dat elke bladzijde, na gelezen te hebben, eruit scheurt en uit het raampje naar buiten gooit."
Gerard Reve & S.Carmiggelt in Gesprek , opgetekend door Max van Rooy en de redactie van het tijdschrift Menuett Amsterdam 1980 p.38
Omslagfoto In Gesprek van Philip Mechanicus
"Ik maak mijn werk toegankelijk voor iedereen die toegang wil hebben. Er zijn mensen die bewust de toegang voor de gewone man onmogelijk maken; die dat beneden hun waardigheid vinden. Maar ik vind het een geweldige winst als mijn boek in de trein gelezen wordt door een aantal mensen dat elke bladzijde, na gelezen te hebben, eruit scheurt en uit het raampje naar buiten gooit."
Gerard Reve & S.Carmiggelt in Gesprek , opgetekend door Max van Rooy en de redactie van het tijdschrift Menuett Amsterdam 1980 p.38
woensdag, juni 21, 2006
Kunstbroeders (1)

Foto: George Verkuil 1975
'Dat clownschap, snap je. De mensen moeten aan vermaak wáár voor hun geld krijgen, maar de Nederlandse mentaliteit is, dat de mensen gesticht willen worden en dat is niks voor de kunst. Als je gesticht wilt worden, moet je naar de kerk gaan.'
Gerard Reve & S.Carmiggelt in Gesprek , opgetekend door Max van Rooy en de redactie van het tijdschrift Menuett Amsterdam 1980 p.42
Foto: George Verkuil 1975
'Dat clownschap, snap je. De mensen moeten aan vermaak wáár voor hun geld krijgen, maar de Nederlandse mentaliteit is, dat de mensen gesticht willen worden en dat is niks voor de kunst. Als je gesticht wilt worden, moet je naar de kerk gaan.'
Gerard Reve & S.Carmiggelt in Gesprek , opgetekend door Max van Rooy en de redactie van het tijdschrift Menuett Amsterdam 1980 p.42
dinsdag, juni 20, 2006
'God is, en gaat alle verstand te boven.'
" 'God is, en gaat alle verstand te boven', begon ik Bul na enig zwijgen uit te leggen. 'Het is een teken -zo mag je het best opvatten, op mijn verantwoording. Misschien is de tijd zeer nabij.' Ik ontkurkte zuchtend de vierde fles. Een ongehoord zware golf van schaamteloze sentimentaliteit was in mij omhoog gestegen. Ik keek stil naar buiten...'
In: Gerard Reve 'Veertien etsen van Lodewijk Pannekoek voor Arbeiders verklaard', in Een Eigen Huis, Amsterdam/Brussel, MDMLXXIX, p.66
" 'God is, en gaat alle verstand te boven', begon ik Bul na enig zwijgen uit te leggen. 'Het is een teken -zo mag je het best opvatten, op mijn verantwoording. Misschien is de tijd zeer nabij.' Ik ontkurkte zuchtend de vierde fles. Een ongehoord zware golf van schaamteloze sentimentaliteit was in mij omhoog gestegen. Ik keek stil naar buiten...'
In: Gerard Reve 'Veertien etsen van Lodewijk Pannekoek voor Arbeiders verklaard', in Een Eigen Huis, Amsterdam/Brussel, MDMLXXIX, p.66
maandag, juni 19, 2006
'Men hoorde reeds het fluisteren van een langzaam zich verheffende avondbries..'

"Ons leven was een sterven. Het namiddaglicht, dat uit het grote, door goeroe B. boven de drankkast aangebrachte dakraam neerstroomde, was merkbaar begonnen te dalen en men hoorde reeds het fluisteren van een langzaam zich verheffende avondbries, die zong van een nutteloos en verspild leven, waarin niets gebeurd was."
In: Gerard Reve 'Veertien etsen van Lodewijk Pannekoek voor Arbeiders verklaard', in Een Eigen Huis, Amsterdam/Brussel, MDMLXXIX, p.64
"Ons leven was een sterven. Het namiddaglicht, dat uit het grote, door goeroe B. boven de drankkast aangebrachte dakraam neerstroomde, was merkbaar begonnen te dalen en men hoorde reeds het fluisteren van een langzaam zich verheffende avondbries, die zong van een nutteloos en verspild leven, waarin niets gebeurd was."
In: Gerard Reve 'Veertien etsen van Lodewijk Pannekoek voor Arbeiders verklaard', in Een Eigen Huis, Amsterdam/Brussel, MDMLXXIX, p.64
zondag, juni 18, 2006
'..waar Liefde en Dood één worden in een eeuwig Geheim'

'Ik had ten zeerste gedachten, dat weet ik nog goed. Ik dacht eerst ik weet dat mijn Verlosser leeft. Daar begon het mede. En toen dacht ik ik weet dat mijn Bruine Liefdesprins op mij zal wachten en ik op hem, hier of aan gene zijde, waar Liefde en Dood één worden in een eeuwig Geheim. En het zal gezien worden hoe de engelen ons wassen tot wij wederom jong en schoon zijn, en ons rijstepap voeren met zilveren lepels. En de hemel gaat toe.'
Gerard Reve in Het Boek Van Violet En Dood Amsterdam/Antwerpen 1996 p. 86
'Ik had ten zeerste gedachten, dat weet ik nog goed. Ik dacht eerst ik weet dat mijn Verlosser leeft. Daar begon het mede. En toen dacht ik ik weet dat mijn Bruine Liefdesprins op mij zal wachten en ik op hem, hier of aan gene zijde, waar Liefde en Dood één worden in een eeuwig Geheim. En het zal gezien worden hoe de engelen ons wassen tot wij wederom jong en schoon zijn, en ons rijstepap voeren met zilveren lepels. En de hemel gaat toe.'
Gerard Reve in Het Boek Van Violet En Dood Amsterdam/Antwerpen 1996 p. 86
zaterdag, juni 17, 2006
'Schaduw', 'geheim', 'heimwee'
" 'Schaduw', 'geheim', 'heimwee', jawel daar gaat hij weder zult U zeggen, wat een woorden allemaal; ik vind dat die man, die schrijver dus, dat die het zijn eigen af en toe wel erg moeilijk maakt. Maar daar antwoord ik, schrijver als zodanig, op: "Is dat niet gewoon mijn plicht? Ik bedoel dus de plicht van mij om een groot, een machtig boek te schrijven, van het licht maar ook van de schaduw? En van de liefde, of is die geen ernstige zaak? "
Gerard Reve, in Het Boek Van Violet En Dood Amsterdam/Antwerpen 1996 p.196
" 'Schaduw', 'geheim', 'heimwee', jawel daar gaat hij weder zult U zeggen, wat een woorden allemaal; ik vind dat die man, die schrijver dus, dat die het zijn eigen af en toe wel erg moeilijk maakt. Maar daar antwoord ik, schrijver als zodanig, op: "Is dat niet gewoon mijn plicht? Ik bedoel dus de plicht van mij om een groot, een machtig boek te schrijven, van het licht maar ook van de schaduw? En van de liefde, of is die geen ernstige zaak? "
Gerard Reve, in Het Boek Van Violet En Dood Amsterdam/Antwerpen 1996 p.196
vrijdag, juni 16, 2006
’Eeuwige onderwerping in liefde'

'Het Cliché is een Godsgeschenk. Als de lezer moede begint te raken van het al te verfijnd uit de doeken doen van liefdesleed, herinneringen en schuldbesef van de held, en van al die geuren, kleuren, adjectieven en gelukte of mislukte vergelijkingen, schrijft U dan eens gewoon neder: Zoude hij dit aanbiddelijke wezen, deze duizelingwekkende blonde zeeprins ooit, al ware het slechts voor één ogenblik, mogen terugzien om dan, ja dan, in een allerlaatste kans, hem zijn eeuwige onderwerping in liefde aan te bieden?...'
Gerard Reve, Verzameld Werk deel 4 in: Zelf schrijver worden, Amsterdam/Antwerpen 2000 p.453
'Het Cliché is een Godsgeschenk. Als de lezer moede begint te raken van het al te verfijnd uit de doeken doen van liefdesleed, herinneringen en schuldbesef van de held, en van al die geuren, kleuren, adjectieven en gelukte of mislukte vergelijkingen, schrijft U dan eens gewoon neder: Zoude hij dit aanbiddelijke wezen, deze duizelingwekkende blonde zeeprins ooit, al ware het slechts voor één ogenblik, mogen terugzien om dan, ja dan, in een allerlaatste kans, hem zijn eeuwige onderwerping in liefde aan te bieden?...'
Gerard Reve, Verzameld Werk deel 4 in: Zelf schrijver worden, Amsterdam/Antwerpen 2000 p.453
donderdag, juni 15, 2006
'Ik kniel wel eens neer, als niemand me ziet'

'Ik kniel wel eens neer, als niemand me ziet, sprakeloos, want ik weet niet, wat te zeggen of bij mezelf te denken. Ik zal nooit, in leven of dood, God zien 'van aangezicht tot aangezicht', en die wetenschap valt mij zwaar -soms tè zwaar.'
Gerard Reve, Brieven aan Josine M. 1959-1975 Amsterdam 1981 p.181
'Ik kniel wel eens neer, als niemand me ziet, sprakeloos, want ik weet niet, wat te zeggen of bij mezelf te denken. Ik zal nooit, in leven of dood, God zien 'van aangezicht tot aangezicht', en die wetenschap valt mij zwaar -soms tè zwaar.'
Gerard Reve, Brieven aan Josine M. 1959-1975 Amsterdam 1981 p.181
woensdag, juni 14, 2006
zondag, juni 11, 2006
Nooit was ik zo dicht bij hem geweest

'Slechts enkele meters scheidden mij van het wezen, dat ik zou willen aanbidden en waarvoor ik zou willen knielen: nooit was ik zo dicht bij hem geweest, maar nooit, in alle tijd en eeuwigheid, zou het mij vergund zijn dichter bij hem te geraken dan ik nu was.'
Gerard Reve in Oud en Eenzaam Amsterdam/Brussel MCMLXXVIII p.265
'Slechts enkele meters scheidden mij van het wezen, dat ik zou willen aanbidden en waarvoor ik zou willen knielen: nooit was ik zo dicht bij hem geweest, maar nooit, in alle tijd en eeuwigheid, zou het mij vergund zijn dichter bij hem te geraken dan ik nu was.'
Gerard Reve in Oud en Eenzaam Amsterdam/Brussel MCMLXXVIII p.265
Abonneren op:
Posts (Atom)